Gedragscode ibs De Boomladder                                                                     

 

Ons uitgangspunt is dat mannen, vrouwen, jongens en meisjes gelijkwaardig zijn. Uitgaande van die gelijkwaardigheid vinden we het van belang dat:

- we een klimaat scheppen, waarin kinderen zich veilig voelen

- we respect voor elkaar hebben

- we ruimte creëren om verschillend te zijn (dat kan persoonsgebonden zijn en/of

  cultuurgebonden)

- we voorwaarden scheppen voor kinderen om een positief zelfbeeld te ontwikkelen

- we aandacht besteden aan zelfredzaam en weerbaar gedrag.

 

We verwachten van alle geledingen binnen de school, dat zij zich aan deze vastgestelde gedragsregels houden.

 

1. Gedrag op school

Het streven naar gelijkwaardigheid binnen de school houdt in, dat de volgende gedragingen niet getolereerd worden:

- pestgedrag

- in het algemeen grappen, opmerkingen en/of toespelingen (ook van seksuele aard) over

  uiterlijk, gedrag, kleding e.d. die discriminerend en/of vernederend zijn of die door de

  ander als discriminerend en/of vernederend worden ervaren

- lichamelijke straffen, agressief gedrag

- handtastelijkheden, die door de ander als vernederend kunnen worden ervaren.

 

We informeren de ouders over het gedrag van hun kind, indien het kind door ons niet meer te corrigeren is. We leggen grensoverschrijdend gedrag van kinderen altijd vast ( E.e.a. is uitgewerkt in de bijlage (het gedragsprotocol) bij deze gedragscode.

 

2. Gedrag bij invallers

 

Aan het begin van het schooljaar maken de groepsleerkracht en de kinderen uit een groep samen een aantal afspraken m.b.t. het gedrag.

Zowel leerkracht als leerlingen houden zich hieraan. Dus ook wanneer er een

invalleerkracht voor de groep staat!

In dit geval memoreert de eigen leerkracht in de groep nogmaals de gemaakte afspraken. Bij (plotselinge) uitval gaat er iemand van de directie mee bij de start van de dag en herinnert de kinderen nog even aan de afspraken.

 

Wanneer een kind zich dusdanig storend gedraagt dat de invalleerkracht niet “gewoon” zijn werk kan doen, nemen wij de volgende maatregelen:

 

•           Een kind wordt door de invalleerkracht, na een keer te zijn gewaarschuwd, uit de

            groep verwijderd.

•           Dit kind wordt vervolgens voor de rest van de dag door de directie in een andere

            groep geplaatst met eigen werk.

•           De ouders/verzorgers van dit kind worden door de directie op de hoogte   

             gebracht.

•           Er komt een aantekening in het leerlingendossier.

 

Bij veelvuldig storend gedrag bij een invalleerkracht kan, na overleg tussen directie en de eigen groepsleerkracht, besloten worden om kinderen preventief uit een groep te plaatsen. De ouders worden hierover van te voren ingelicht.

 

3. Schriftelijk en beeldend materiaal in de school

We distantiëren ons van schriftelijk en beeldend materiaal, waarin de ander wordt voorgesteld als minderwaardig of als lustobject. Hieronder vallen ook leer- en hulpmiddelen, die een rolbevestigend karakter hebben.

Materialen met een dergelijk karakter worden op onze school niet aangeschaft en niet

verspreid.

 

4. Schoolse situaties

- lichamelijk contact

We proberen lichamelijk contact in principe te vermijden. We denken hierbij aan zoenen, knuffelen, op schoot zitten etc. Er is uiteraard een verschil in de omgang met kinderen in de onderbouw en de bovenbouw. Natuurlijk is een knuffel, het even op schoot zitten of een aai over de bol in sommige gevallen een goed pedagogisch middel, maar het is altijd van belang er goed op te letten hoe het kind dit ervaart.

- Aan- en uitkleden

In de onderbouw worden, indien het nodig is, kinderen geholpen met het aan- en uitkleden. In de bovenbouw gebeurt dit in principe niet meer.

- Gymnastieklessen

Het omkleden in de bovenbouw door jongens en meisjes gebeurt gescheiden. De leerkracht houdt voor en na de gymles toezicht, met inachtneming van de algemeen geldende uitgangspunten. In de gymles is lichamelijk contact soms niet te vermijden. We gaan daar uiteraard zorgvuldig mee om.

- Kinderen thuis uitnodigen

In principe nodigen we kinderen niet alleen uit bij een leerkracht thuis, tenzij er meer mensen op bezoek zijn. Wanneer kinderen een leerkracht thuis bezoeken, zijn de ouders op de hoogte.

- Eén op één situaties

We proberen te vermijden dat kinderen alleen met een leerkracht in een ruimte zijn, zonder dat er andere collega’s in de buurt zijn. Het kan gaan om een pedagogisch gesprek of een vertrouwelijk gesprek. Bij een pedagogisch gesprek kunnen eventueel nog andere kinderen in de ruimte zijn. Dat is bij een vertrouwelijk gesprek lastiger. We willen niet dat mensen in een kwetsbare situatie terechtkomen. Daarom zonderen we ons niet af met een kind (in principe deur open en we informeren bij langer nablijven collega’s en ouders).

- Schoolkampen

De leiding bestaat uit mannelijke en vrouwelijke begeleiders. We gaan uit van dezelfde gedragsregels die op school gelden. De jongens en meisjes slapen gescheiden.

- Kledingvoorschrift

Leerkrachten en stagiaires gaan niet gekleed in naveltruitjes en zorgen ervoor dat de rug bekleed blijft. De kleding moet zodanig zijn, dat er geen aanstoot aan genomen kan worden. Leerkrachten, stagiaires en leerlingen dragen geen petjes of mutsjes.

Hoofddoekjes zijn toegestaan (vanuit geloofsovertuiging en als haarversiering een brede haarband of een klein hoofddoekje). Voorhoofd en gezicht moeten zichtbaar zijn.

De directie ziet toe en spreekt zonodig aan.

- Bellen, sms’en

Leerkrachten en stagiaires bellen of sms-en niet tijdens de lestijden. De school is altijd bereikbaar. In principe worden er geen mensen uit de les gehaald, omdat dat erg storend is voor de kinderen en bovendien geen goed voorbeeld is.

-Bespreken van onacceptabel gedrag

Kinderen die gedrag vertonen dat valt onder punt 1 worden hierop aangesproken. Afhankelijk van de situatie gebeurt dat individueel of in klassenverband. Onacceptabel gedrag van leerkrachten wordt individueel met de betrokkene(n) besproken door de directie of de vertrouwenspersoon van de school. Zie verder onder punt 1.

 

5. Het onderwijs

De punten genoemd onder 1 (gedrag op school) komen aan bod bij vakken als

“sociale redzaamheid” , “bevorderen gezond gedrag” en catechese.

(Het voorkomen van en het omgaan met seksuele intimidatie valt ook onder ‘gedrag op school.)

In alle gevallen worden alle geledingen geacht te handelen naar de geest van deze gedragscode.

 

Bijlage:                   “Normen en waarden op de Boomladder”, ons

                               gedragsprotocol.

 

Inleiding

Goede leerprestaties kunnen bereikt worden als leerlingen en leerkrachten met plezier naar school gaan. Een veilig klimaat en een prettige sfeer dragen hier sterk aan bij. Respect voor elkaar staat bij ons hoog in het vaandel en algemene fatsoensnormen en goede omgangsvormen vinden we belangrijk.

Daarom hebben we op De Boomladder afgesproken dat alle bij de school betrokkenen zich houden aan het volgende gedragsprotocol. Hierin is te lezen wat leerlingen en ouders van de school kunnen verwachten en wat de school van leerlingen en ouders verwacht.

Op De Boomladder vinden we dat het personeel een voorbeeldfunctie heeft met betrekking tot dit gedragsprotocol en dat het vanzelfsprekend is dat wij hier op aanspreekbaar zijn. Omgaan met dit gedragsprotocol zal dan ook regelmatig tijdens team- en bouwvergaderingen aan de orde komen.

 

Dit gedragsprotocol zal jaarlijks worden geëvalueerd en bijgesteld.

 

Gedragsprotocol

 

Onaanvaardbaar en antisociaal gedrag

 

Onder onaanvaardbaar gedrag verstaan wij over het algemeen alle gedrag dat niet in overeenstemming is met de visie van onze school. Concreet zien wij het volgende gedrag als onaanvaardbaar of als antisociaal:

- pesten

- bedreiging

- lichamelijk en/of verbaal geweld

- agressie

- discriminatie

- ongewenste intimiteiten

- stelen

- vernieling

- schelden en vloeken

- arrogant en/of respectloos gedrag

- aanhoudend storend gedrag tijdens het werk.

 

Algemene omgangsregels: Aandacht, respect, samen.

 

Op De Boomladder:

- luisteren wij naar elkaar en geven elkaar de ruimte een boodschap

  duidelijk te maken.

- accepteren wij elkaar en mag er verschil zijn tussen mensen.

- helpen wij elkaar daar waar wij kunnen en waar dat gevraagd wordt.

- gehoorzamen kinderen aan volwassenen.

- werken en doen wij dingen samen en sluiten niemand buiten.

Algemene gedragsregels:

 

Op De Boomladder:

- gebruiken wij geen schuttingtaal, obscene gebaren, schreeuwen we niet en

  staan we fysieke daden ten opzichte van anderen niet toe.

- gaan wij zorgvuldig met eigen spullen en die van anderen om en verzorgen

  onze leefomgeving.

- lossen wij ruzies, conflicten en meningsverschillen op door met elkaar in

  gesprek te gaan.

- roddelen wij niet over anderen (ook niet via sms, chatten en dergelijke) en

  praten wij eerlijk en rechtstreeks tot de betrokkene.

- accepteren wij geen pestgedrag (zie ook het anti-pestprotocol).

- noemen wij elkaar bij de naam en gebruiken geen bijnamen.

- zorgen we ervoor dat een conflict van/met anderen niet (verder) escaleert.

- zijn wij zelf verantwoordelijk voor onze daden en kunnen wij daarop

  worden aangesproken.

- komen wij op tijd.

- lopen we, met of zonder begeleiding, rustig in het schoolgebouw.

- is het gewoon een ander te begroeten of gedag te zeggen.

- vinden we dat deze regels op school en daarbuiten gelden.

 

Regels voor leerlingen

  1.     Wanneer je de klas binnenkomt, ga je rustig op je plek zitten.

  2.     Je loopt alleen als het nodig is.

  3.     Je blijft van elkaar af. Er wordt niet geschopt of geslagen.

  4.     Ruzies worden uitgesproken en bijgelegd, eventueel met hulp van de leerkracht.

  5.     Je blijft van elkaars spullen af.

  6.     Je steekt je vinger op wanneer je iets wilt zeggen of vragen.

  7.     Je luistert naar elkaar. Iedereen mag voor zijn of haar mening uitkomen. Je voelt je veilig in de klas.

  8.     Je spreekt met de leerkracht af hoeveel kinderen tegelijk naar de wc mogen.

  9.     Samen zorg je ervoor dat het netjes blijft in en om het schoolgebouw. Binnen het gebouw geldt dit zowel voor de klas als voor de toiletten en de gangen.

10.     Pesten is verboden. Let op elkaar en zorg er op een positieve manier voor, dat niemand wordt gepest. Je zorgt samen voor een goede sfeer.

 

Regels voor leerkrachten en ondersteunend personeel

  1.     Je zorgt heel bewust voor een positieve uitstraling waarbij complimenten, stimulans en beloning kernwoorden zijn van je aanpak.

  2.     Je hanteert beleefdheidsvormen naar de kinderen toe en behandelt ze met respect ten aanzien van hun eigenheid en ontwikkeling.

  3.     Je hanteert een net en zorgvuldig taalgebruik naar kinderen toe.

  4.     Als leerkracht zorg je actief voor een sfeer van rust en veiligheid. Brutaliteit, agressiviteit en ongedisciplineerdheid bij kinderen bestrijd je actief, zorgvuldig en professioneel.

  5.     Probleemgedrag ontstaat met name in een omgeving waar verschillen tussen kinderen niet worden geaccepteerd en gewaardeerd. Zorg dus voor een omgeving waarin verschillen wel worden geaccepteerd en gewaardeerd.

  6.     De meeste school- en groepsregels gelden natuurlijk ook voor jou. Wanneer je  

          regels ’overtreedt’, leg de leerlingen dan uit waarom.

  7.     Leerkrachten kunnen elkaar aanspreken op gedrag van leerlingen. Ook kunnen leerkrachten elkaar aanspreken op elkaars gedrag. Dit gebeurt op een opbouwende manier.

  8.     Het team draagt een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor alle leerlingen.

  9.     In de omgang met collega’s, leerlingen en ouders wordt openheid, eerlijkheid en tact betracht.

10.     Als een gesprek met ouders niet goed verloopt, wordt dit bij de directie gemeld. De directie nodigt in dat geval de ouders uit voor een gesprek, eventueel samen met de leerkracht. Er worden afspraken met de ouders gemaakt.

Er is een terugkoppeling naar de leerkracht of de ouders en indien nodig een vervolggesprek.

 

Aandachtspunten voor ouders

Wij verzoeken ouders om zich er van bewust te zijn, dat onze school een leeromgeving is en dat het van groot belang is dat leerlingen het correcte voorbeeldgedrag zien, zowel van leerkrachten als van ouders. Wij vragen ouders om ons te ondersteunen in het hanteren van het gedragsprotocol.

Wij verwachten dat leerlingen en ouders van onze school dit protocol onderschrijven en naar deze regels handelen en daarop aangesproken kunnen worden. Wij verwachten tevens dat ouders hun klachten of problemen kenbaar maken. Bij wangedrag van ouders kan aan de ouders de toegang tot de school door de directie geweigerd worden als de veiligheid van leerlingen en/of leerkrachten in het geding is.

 

Stappen bij het overtreden van het gedragsprotocol door leerlingen

 

Algemeen

1.       De leerkracht legt het gedrag schriftelijk vast en stelt het kind en diens ouders op de hoogte. Indien nodig treedt de leerkracht in overleg met een collega om te bepalen of een leerling grensoverschrijdend gedrag vertoont.

2.       Grensoverschrijdend gedrag is gedrag dat bewust kwetsend is. Het bewust vernielen van materialen en het uitschelden van een leerkracht zijn hiervan voorbeelden.

 

De consequenties van het overtreden van regels

1.       Eerste overtreding: waarschuwing aan de leerling en schriftelijke vastlegging door de leerkracht (zie bijlage). Leerkracht belt ouders, melden dat maatregelen worden genomen bij een volgende overtreding binnen zes weken.

2.     Tweede overtreding binnen zes weken na eerste overtreding: schriftelijke         vastlegging door leerkracht (zie bijlage), leerkracht belt ouders, schoolleiding              wordt op de hoogte gebracht.

3.       Derde overtreding binnen zes weken na tweede overtreding: schriftelijke vastlegging door leerkracht (zie bijlage), schoolleiding belt ouders, één dag in andere groep met eigen werk; Parnassys

4.       Vierde overtreding binnen zes weken na derde overtreding: schriftelijke vastlegging door leerkracht (zie bijlage), uitnodiging ouders door leerkracht en directie, twee dagen in andere groep met eigen werk, Parnassys

5.       Vijfde overtreding binnen zes weken na vierde overtreding: schriftelijke vastlegging door leerkracht (zie bijlage), uitnodiging ouders door leerkracht en directie, drie dagen in andere groep met eigen werk, Parnassys

6.       Zesde overtreding binnen zes weken na vijfde overtreding: schriftelijke vastlegging door leerkracht (zie bijlage), uitnodiging ouders door leerkracht en directie, eventueel schorsing*, week in andere groep met eigen werk, Parnassys

7.       Indien ongewenst gedrag wordt gecontinueerd en de leerling niet meer te handhaven is op onze school, kan deze definitief van school worden verwijderd**, Parnassys

8.       Bij (zeer) ernstige overtredingen van de gedragsregels kunnen één of meer van bovenstaande stappen worden overgeslagen. De beslissing hierover wordt genomen door de directie, in overleg met IB-er en leerkracht, Parnassys

*      In bijzondere gevallen kan een leerling door de directeur, na overleg met het bevoegd gezag (schoolbestuur) en de inspectie en na melding bij de leerplichtambtenaar, voor één of meer dagen geschorst worden. Deze maatregel zal alleen worden gebruikt als een leerling of een ouder zich ernstig heeft misdragen ten opzichte van leerkrachten en/of (mede-)leerlingen. Gedacht moet worden aan het gebruik van lichamelijk geweld, het herhaaldelijk en opzettelijk verstoren van de lessen, enzovoort. Zie hiervoor de regeling schorsen en verwijderen van de Stichting Flore.

 

**    Indien bij ernstige gevallen van wangedrag maatregelen ter voorkoming hebben gefaald, kan het bevoegd gezag, na een formele waarschuwing, uiteindelijk overgaan tot het verwijderen van een leerling.

 

Directie, leerkrachten en de medezeggenschapsraad onderschrijven gezamenlijk dit gedragsprotocol.